Dichter / Performer Ingmar Heytze over Spreken

Spreken in het openbaar
Als we de komiek Jerry Seinfeld moeten geloven, is spreken in het openbaar de grootste angst van de meeste mensen. Nummer twee op de lijst is doodgaan. Dat betekent, volgens Seinfeld, dat de gemiddelde persoon liever in de kist ligt dan op de uitvaart spreekt.

Ik denk dat het wel klopt, en als het niet waar is, is het mooi gevonden. Zeker weet ik dat niet, want ik ben nooit bang geweest om te spreken. De verklaring daarvoor is eenvoudig: het ging de eerste keer toevallig nogal goed. Ik was net zeventien toen ik in de Nieuwe Kerk in Amsterdam een gedicht mocht voorlezen waarmee ik een prijsje had gewonnen. De prijs bestond uit een hand van Annie M.G. Schmidt en een boekenbon van 25 gulden (‘De hand heb ik nog,’ zeg ik er meestal achteraan). Het gedicht duurde misschien veertig seconden om voor te lezen, en er waren allemaal andere prijswinnaars en sprekers. Ik hoefde het programma niet te dragen.

Met plezier spreken is voor 90% een mentale kwestie. Ik voelde me die eerste keer alsof ik de wereld in mijn zak had, omdat ik een prijswinnaar was. Het enige dat ik hoefde te doen was naar voren lopen, mijn gedicht voor te lezen, en een minuut later onder sympathiek applaus weer naar mijn plek te lopen. Er was niets moeilijk of eng aan. Het kwam niet in me op dat het mis had kunnen gaan. Ik had al gewonnen voordat ik de eerste stap naar de microfoon had genomen. En dus ging het ook goed.

Het pure plezier van die eerste keer is me later goed van pas gekomen. Ik heb inmiddels duizenden keren opgetreden als dichter, en in de tussentijd is er te veel misgegaan om op te noemen. Ik heb letterlijk onder stroom gestaan, ik heb bier en pinda’s naar mijn hoofd gekregen, ik ben weggeschreeuwd door een duizendkoppig publiek in een grote kerk. Ik ben door een geluidstechnicus van het podium getrokken terwijl ik op weg was naar de microfoon om een band aan te kondigen ten overstaan van een middelgroot festivalterrein vol mensen. Ik heb moeten spreken door een kindermegafoon omdat er geen geluidsinstallatie bleek te zijn geregeld. Ik heb moeten optreden op plekken waar de achtergrondmuziek en de flipperkast gewoon aan bleven staan. Ik heb opgetreden tijdens een storm met zulke zware windstoten, dat mijn papieren binnen tien seconden waren verdwenen.

Als die keren mijn eerste keer waren geweest, was ik gegarandeerd nooit meer een podium opgegaan. Nu beschouw ik alles wat misgaat als een hobbel onderweg, meer niet. Door al die ervaringen weet ik dat veel dingen die mis kunnen gaan bij een optreden, niet aan de spreker liggen – sterker nog, dat het allemaal kansen zijn om het publiek aan jouw kant te krijgen.

Want dat is misschien wel het enige geheim van goed spreken in het openbaar: aandacht is iets dat je gegund wordt. Dat begint bij een goed voorbereid verhaal, maar het belangrijkst ben jijzelf, en met alle charmes en gebreken die je in de strijd kunt gooien. Zodra je probeert om alles perfect te doen, gaat het mis. Om te beginnen gaat het je niet lukken. Bovendien is het dodelijk saai om naar te kijken. Spreken is niet iets wat je doet, je moet iemand zijn die het aanhoren waard is, zelfs onder de vreemdste omstandigheden.

Hoe je zo iemand wordt weet ik ook niet. Misschien is het ook wel niet te leren. Maar alles wat je nodig hebt om in elk geval te zorgen dat je verhaal de moeite waard is, staat in dit boek – en laat dat nu de 90% procent zijn die je nodig heb om als een winnaar je verhaal te houden.

Ingmar Heytze, dichter/performer – Woord Vooraf van het boek Binnen Zonder Kloppen. Spreken uit het hart en uit het hoofd.